Straf!

Je mag je kleinkinderen niet meer zien, Saskia Freichmann-Wijsbeek, auteur autobiografie Ondankbaar Loeder

Nooit meer mijn kleinkinderen mogen zien

Als straf, omdat de ouders (mijn kinderen) zich schamen voor hun eigen levensverhaal. Had ik dan maar destijds moeten zwijgen, toen ik getuige was hoe een baby (mijn net geboren kleinkind) in de armen lag van een vader die  stoned was (mijn zoon dus) en dat de moeder (mijn ex-schoondochter) in haar bed bleef liggen toen ik mijn zoon hierop aansprak? ‘Waar bemoei je je mee, alsof jij het allemaal zo goed hebt gedaan’, verweerden de kersverse ouders. En daarmee had ik het maar te doen. Als ik doorging met mijn betoog, zou ik mijn kleinkind en mijn zoon nooit meer zien. Ze wisten mij keihard te raken, door mij hiermee te chanteren. Mijn hart bloedde, als ik dit hummeltje zag spelen in een donkere- (om een of andere reden waren de gordijnen en ramen ook overdags meestal gesloten), rommelige- (er werd zo nu en dan aangeveegd. Het vuil werd dan naar een hoek verplaatst) en rokerige kamer. Toen Roy een lans wilde breken voor het ongeboren kindje, dat roken tijdens de zwangerschap echt niet kan, hebben wij tot aan de geboorte het stel niet meer gezien. Wij verdienden straf omdat wij opkwamen voor het ongeboren kind. Ook de ouders van de aanstaande moeder, verdedigden het roken omwille van de lieve vrede.

“Straf!” verder lezen